<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Ꭺ Ꮤeblog Ꮤith ᏔordPress</title>
	<atom:link href="http://aweblog.net/index.php/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://aweblog.net</link>
	<description>Just another WordPress site</description>
	<lastBuildDate>Sun, 15 May 2011 02:44:28 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=3.3.1</generator>
		<item>
		<title>Wat is web hosting?</title>
		<link>http://aweblog.net/index.php/2011/05/wat-is-web-hosting/</link>
		<comments>http://aweblog.net/index.php/2011/05/wat-is-web-hosting/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 15 May 2011 02:44:28 +0000</pubDate>
		<dc:creator>weblog</dc:creator>
				<category><![CDATA[infrastructuur]]></category>
		<category><![CDATA[cloud]]></category>
		<category><![CDATA[dedicated]]></category>
		<category><![CDATA[hosting]]></category>
		<category><![CDATA[virtual]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aweblog.net/2011/05/15/wat-is-web-hosting/</guid>
		<description><![CDATA[Hosting is een moeilijk concept voor startende web entrepeneurs. Deze post is het vervolg op wat is een domein naam en zo waarin de basis uitgelegd wordt. We laten 7 soorten web hosting de revue passeren. 1. wat is nou een … “host”? Allereerst: een “host” kan elk apparaat gekoppeld aan een netwerk zijn. Een [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p></p><p><em>Hosting is een moeilijk concept voor startende web entrepeneurs. Deze post is het vervolg op </em><a href="http://aweblog.net/2011/05/15/wat-is-een-domein-naam-en-zo/"><em>wat is een domein naam en zo</em></a><em> waarin de basis uitgelegd wordt. We laten 7 soorten web hosting de revue passeren.</em></p>
<p><span id="more-62"></span><br />
<h3>1. wat is nou een … “host”?</h3>
<p>Allereerst: een “<strong>host</strong>” <strong>kan elk apparaat gekoppeld aan een netwerk zijn</strong>. Een <strong>host</strong> biedt <strong>“services” </strong>aan vanaf dat apparaat zoals het aanbieden van een website.</p>
<p><strong>Wat voor services zijn er ?</strong> In <a href="http://aweblog.net/2011/05/15/wat-is-een-domein-naam-en-zo/">wat is een domein naam en zo</a> heb je al kunnen lezen over DNS services ( het opzoeken van de volgende computer waar informatie te vinden is aan de hand van een pad), E-mail hosting (biedt e-mail afhandeling) en Web hosting (biedt mogelijkheid tot het plaatsen van bestanden die via een webserver toegankelijk zijn voor browsers). Maar er zijn er nog veel en veel meer. Potentieel oneindig. </p>
<p>Heel veel services zijn gebonden aan een <strong>“poort” of “socket”.</strong> Dat wil zeggen dat als je de betreffende computer benadert via poort 21 dan zal het programma achter die poort verwachten dat je een FTP client gebruikt om “FTP” uit te voeren. Als je computer benadert via poort 80 dan zal hij veelal verwachten dat je hem benadert via een web browser om een web pagina op te vragen. </p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image21.png"><img style="background-image: none; border-right-width: 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; float: left; border-top-width: 0px; border-bottom-width: 0px; border-left-width: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="poorten" align="left" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb21.png" width="198" height="240"></a>Een vergelijking kan gemaakt worden met een huis met heel veel verschillende deurtjes: achter deur 1 kun je ijsjes krijgen maar je moet wel in het Frans praten ; achter deur 203 kun je pingpongen maar je wel Chinees praten.</p>
<p>Wederom IANA houdt <a href="http://www.iana.org/assignments/port-numbers">al een tijdje een lijst bij van <strong>standaard poorten</strong></a> die bij afspraak gebruikt worden voor specifieke services.</p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image20.png"><img style="background-image: none; border-right-width: 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; border-top-width: 0px; border-bottom-width: 0px; border-left-width: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb20.png" width="550" height="412"></a></p>
<p>”hosting” is nu het vervolg op “host” namelijk het aanbieden van dergelijke services.</p>
<h3>2. Wat is Web Hosting?</h3>
<p>Specfiek rondom web hosting (het gaat tenslote om WordPress) heb je een partij nodig waar je je WordPress bestanden kunt plaatsen en die die bestanden kan aanbieden aan het Internet / “andere computers”.</p>
<p>Er zijn honderduizenden webhosting partijeen waar je dat kunt doen. Voordat ik je een lijst geef van zaken waar je op moet letten bij het kiezen van een hosting partij moet ik je eerst uitleggen wat voor “soorten” hosting er grofweg bestaan.</p>
<h3>3. Soorten hosting</h3>
<p><strong>3.1 lokale installatie op je eigen PC</strong></p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image22.png"><img style="background-image: none; border-right-width: 0px; margin: 0px 5px 0px 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; float: left; border-top-width: 0px; border-bottom-width: 0px; border-left-width: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" align="left" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb22.png" width="232" height="204"></a>Voordat je WordPress gaat hosten:&nbsp; </p>
<p>Installeer WordPress op je eigen laptop of PC. Zo kun je deze lokale installatie later gebruiken als test omgeving. Dat betekent dat je eerst lokaal wijzigingen uit test of dingen uitprobeert in plaats van in je “live” omgeving.</p>
<p>Het kost niets, is gemakkelijk en geeft je veel meer gevoel dan als WordPress draait “somewhere out there”.</p>
<p>Ik zal later een posting maken over hoe je WordPress op je eigen PC installeert.</p>
<p><strong>3.2 Je eigen Server</strong></p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image34.png"><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image35.png"><img style="background-image: none; border-right-width: 0px; margin: 0px 5px 0px 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; float: left; border-top-width: 0px; border-bottom-width: 0px; border-left-width: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" align="left" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb23.png" width="324" height="174"></a></a>Dit is gelijk aan de optie onder 1 maar… je biedt dan ook daadwerkelijk toegang “van buitenaf” / “van het Internet” aan tot jouw eigen PC die je ergens in de meterkast parkeert.</p>
<p>Je kun dit doen als je:</p>
<p>- een snelle (bijvoorbeeld glasvezel) verbinding hebt<br />- een DNS record laat wijzen naar jouw huis adres (dynamisch kan bijvoorbeeld via <a href="http://www.dyndns.com/">dyndns</a>)<br />- genoeg verstand hebt van de techniek om die PC te beveiligen<br />- genoeg verstand hebt van het onderhoud op je PC</p>
<p>Vrij veel mensen met een NAS kiezen er voor om via een beveiligde verbinding contact te maken met hun thuis server. Voor WordPress heb je echter toch vaak een iets zwaarder PC nodig dan een (regulier) NAS.</p>
<p><strong>3.3 SAAS hosting (software as a service)</strong></p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image25.png"><img style="background-image: none; border-right-width: 0px; margin: 0px 5px 0px 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; float: left; border-top-width: 0px; border-bottom-width: 0px; border-left-width: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" align="left" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb24.png" width="264" height="108"></a>Op heel veel sites kun je WordPress blogs beginnen (bijvoorbeeld <a href="http://wordpress.com/">WordPress.com</a>) met een klik. Je hoeft verder geen verstand te hebben van de techniek en je hebt vaak minder mogelijkheden (eigen domein naam, eigen templates, eigen plugins, eigen specifieke wijzigingen) maar het grootste deel van de Bloggers gebruiken <strong>SAAS hosting</strong>. (zie ook <a href="http://web-log.nl/">http://web-log.nl/</a>).</p>
<p>(In het begin van mijn blog carriere hostte ik mijn weblog bij Blogger.com dat later gekocht werd door Google) (later werd ook de SAAS oplossing blogspot door het bedrijf gestart)(veel mensen denken dat Blogger alleen de SAAS oplossing blogspot is).</p>
<p>Veel mensen starten zo hun blog carriere.</p>
<p><strong>3.4 Shared Hosting</strong></p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image26.png"><img style="background-image: none; border-right-width: 0px; margin: 0px 4px 0px 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; float: left; border-top-width: 0px; border-bottom-width: 0px; border-left-width: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="shared hosting" align="left" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb25.png" width="240" height="134"></a>Veel mensen die een tijdje geblogged hebben op een SAAS oplossing als wordpress.com, web-log.nl, blogspot enzovoort enzovoort&nbsp; lopen tegen beperkingen aan en gaan op zoek naar een mogelijkheid om zelf hun weblog te hosten in dit geval gebaseerd op WordPress.</p>
<p>De goedkoopste oplossing is “<strong>shared hosting</strong>”. </p>
<p>Dat wil zeggen dat&nbsp; op 1 PC&nbsp; veel gebruikers accounts runnen waaronder websites runnen. Je deelt dus met heel veel mensen diezelfde PC en dus diezelfde schijfruimte, CPU en geheugen.</p>
<p>Het <strong>voordeel</strong> ten opzichte van<strong> </strong>SAAS hosten is in dat je veel meer vrijheid hebt in en rondom WordPress. Je kunt zelf thema’s maken of installeren, zelf code schrijven of standaard plugins installeren.</p>
<p>Het <strong>voordeel</strong> is : goedkoop, erg goedkoop, heel erg goedkoop, vanaf 50 cent per maand. Hoe goedkoper hoe meer mensen er regulier op 1 pc gedumped worden, je kunt het direct vergelijken met het delen van de pc waarop je nu werkt met 50 andere mensen die er allen tegelijkertijd op werken. Trek rustig wat meer geld uit om een&nbsp; goede sharing hosting partij te vinden en een betrouwbare club die niet teveel mensen op dezelfde PC duwt.</p>
<p>Een ander <strong>voordeel</strong>: je hoeft technisch met niet zoveel rekening te houden, eigenlijk hoef je je ook hier nergens in te verdiepen. Je copieert je web bestanden ernaartoe, vaak zit er een ‘automatische software installer’ bij en een ‘beginners gebruikers interface’ om bijvoorbeeld een e-mail account aan te maken of om rechten op een directory te wijzigen. Al het onderhoud wordt gedaan.</p>
<p>Het <strong>nadeel</strong> is dat je de PC deelt (qua security betekent het dat anderen mogelijk bij je bestanden kunnen komen of ze kunnen in zien als je ze niet de goede rechten hebt gegeven) (qua performance betekent het dat je site toch een bepaalde begrenzing heeft).</p>
<p>Een ander <strong>nadeel</strong> is dat je ook vaak technisch aan begrenzingen zit. Je hebt een specifieke webserver, specifieke versie van PHP en een beperkte set rechten.</p>
<p>Meestal gaan mensen switchen als hun traffic of load te hoog wordt en/of ze merken dat hun site gewoon te traag wordt en/of afgeknepen door de beheerders.</p>
<p>Een bekend groot bedrijf dat shared hosting aanbiedt is <a href="http://edward.de.leau.net/dreamhost">Dreamhost</a> (1.000.000 gebruikers). Ik heb er lange tijd gehost voor ik overstapte op Grid Hosting.</p>
<p><strong>3.5 Grid Hosting</strong></p>
<p>Een bedrijf als <a href="http://mediatemple.net/">MediaTemple</a> biedt <strong>Grid hosting</strong>. Dat is nog steeds shared hosting achtig maar het voordeel is dat ook al heb je peaks in traffic dat deze toch opgevangen worden door de techniek “het grid”. Het kost ongeveer 25 dollar per maand. Ik host er mijn prive blog.</p>
<p>Je gaat dus nooit down. Wel kan het zijn dat je extra geld moet betalen als je langduring teveel load op CPU of Memory heb gehad.</p>
<p><strong>3.6 Virtual Hosting</strong></p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image27.png"><img style="background-image: none; border-right-width: 0px; margin: 0px 6px 0px 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; float: left; border-top-width: 0px; border-bottom-width: 0px; border-left-width: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="virtual hosting" align="left" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb26.png" width="240" height="133"></a>Na de shared hosting fase komt meestal de gedachte: wat nu? </p>
<p>Je bent dan toe aan een “eigen machine” en er zijn dan een aantal mogelijkheden. De eerste is <strong>virtual hosting</strong>. </p>
<p>Je krijgt een virtuele “eigen PC”. Dat betekent dat je nog steeds met andere gebruikers “dezelfde PC” deelt maar je runt een software matige eigen machine. Mischien heb je wel eens gehoord van VMWare of andere virtualizatie technieken. Je krijgt dan een hoeveelheid CPU, Geheugen, Sockets enz… toegedeeld op die machine.&nbsp; Echter: teveel geheugen in gebruik? Site down!</p>
<p>Vaak even schrikken als je van shared hosting komt omdat je nu toch echt zelf verantwoordelijk bent om alles te fine-tunen van database tot webserver tot caching.</p>
<p>In deze fase moet je dus echt letten op de specificaties gelijk aan het kopen van een&nbsp; PC in de winkel: welke CPU zit erin, hoeveel geheugen en welk soort geheugen, welke operating systemen worden gesupported enzovoort.</p>
<p>Als je het gevoel hebt dat je je eigen PC goed kunt onderhouden (security, installaties, gebruikersbeheer,&nbsp; services) en deze goed hoor hebt dan kun je deze stap maken en anders moet je een bedrijfje inschakelen die dit voor je managed het zogenaamde “managed hosting”.</p>
<p>Ik heb dit ook een tijdje gedaan. Maar uitendelijk liep ik toch ook hier weer tegen begrenzingen aan en was ik toe aan een volledig eigen machine.</p>
<p>Het is ieder geval aan te raden om niet te gaan voor “de onderkant” van de markt in virtual servers. Die performen slechter dan de bovenkant van shared hosting.</p>
<p>Er zijn veel overzichten te vinden op de vraag wat de beste virtual hosting partij is. Let er wel op dat vergelijkers vaak fees krijgen van hosters om gemeld te worden, dus haal je informatie van onafhankelijke sites. <a href="http://www.linode.com/">Linode</a> wordt vaak genoemd.</p>
<p><strong>3.7 Dedicated Hosting</strong></p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image281.png"><img style="background-image: none; border-right-width: 0px; margin: 0px 2px 0px 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; float: left; border-top-width: 0px; border-bottom-width: 0px; border-left-width: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" align="left" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb271.png" width="240" height="133"></a><strong>Dedicated hosting</strong> betekent dat je een echte PC in een server hok “bare metal” krijgt. Je kunt ook zelf een PC inrichten en achterin de auto rijden naar de hosting partij. </p>
<p>Het voordeel is natuurlijk performance: je hebt gewoon je eigen PC, waarschijnlijk hetzelfde gevoel als dat je nu hebt op de desktop of laptop waarmee je dit blog leest. </p>
<p>Vanaf dat moment ga je naar fases waarin je meerdere machines naast elkaar gaat zetten met verschillende functies. </p>
<p>Een paar PC’s voor de databases, een paar PC’s voor beveiliging, load-balancing enzvoort allemaal ver buiten de scope van dit weblog. Tegen die tijd hoef je waarschijnlijk niet meer te werken en leef je van je weblog en heb je een team van technische mensen die je site onderhouden.</p>
<p>Grotere sites hebben dan vaak honderden servers naast elkaar in een server ruimte staan vaak verdeeld over de wereld.</p>
<p><strong>3.8 Cloud hosting</strong></p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image29.png"><img style="background-image: none; border-right-width: 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; float: left; border-top-width: 0px; border-bottom-width: 0px; border-left-width: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" align="left" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb28.png" width="219" height="153"></a>De trend: <strong>cloud hosting</strong>.</p>
<p>Dat is waar deze weblog ook draait: in de cloud (en wel de Amazon cloud).</p>
<p>De vorm van cloud hosting waarover ik het hier heb lijkt op virtual hosting. Dat wil zeggen: je krijgt een virtuele PC waarop je kan inloggen om je PC in te richten en vervolgens je website op te draaien.</p>
<p>Het verschil is dat je een nieuwe PC met een paar klikken in de lucht hebt en dat je alleen betaald naargelang je resources gebruikt. Als je website bijvoorbeeld traag wordt klik je een loadbalancer image aan (die verdeelt het datavekeer over beschikbare computers), een geheugen cache machine en klaar is kees. Na een tijdje klik je ze weer uit. Je kunt het zelfs programmeren, dat wil zeggen: de virtuele PC’s worden programmeerbaar en “functies” kun je verdelen over virtuele PC’s die je programmeert in plaats van “code” programmeren.</p>
<p>Het kan dus HEEL goedkoop en HEEL duur al naar gelang het type PC je specificeert. Maar evenals bij virtual hosting: je moet goed weten hoe je een server inricht en managed je hebt dus veel technische kennis nodig.</p>
<p>Maar het voordeel ten opzichte van klassiek virtual hosting is natuurlijk het gemak waarmee je nieuwe machine’s in de lucht gooit.</p>
<p>Ook hier heb je tal van bedrijven die als tussenlaag fungeren en je dus kunnen helpen met bijvoorbeeld voor geprepareerde cloud images die ze voor je onderhouden. Gelukkig kan ik dit zelf, bespaart me veel geld.</p>
<h3>4. Tot Slot over type hosting</h3>
<p>Bij starters die dit lezen ga ik er bijna vanuit dat je zit in het stadium van shared hosting (tenzij je veel traffic verwacht of nu al veel eisen hebt) (of iemand technisch kent die je kan helpen een image op te tuigen).</p>
<p>Er is een kleine “Google” winst te behalen als je je website host in het land waarin je hoger in de zoekresultaten wilt verschijnen. Dus als dat je doel is kies dan voor een Nederlandse shared hosting bedrijf. Ik weet niet hoe lang dit zo blijft en in hoeverre de impact is (als je al een .nl domein hebt). Ik heb het zelf nooit zoveel gemerkt maar het schijnt volgens de SEO specialisten zo te zijn.</p>
<p>Zelf ga ik voor de kosten en de opties en koos ik destijds gewoon het shared hosting bedrijf met de meeste opties tegen de laagste kosten en dus een bedrijf waar honderd duizenden andere mensen ook hosten (scaling brengt de kosten omlaag).</p>
<p>Vaak is het zoeken naar de juiste hosting partij vallen en opstaan. De meeste mensen gaan voor goedkoop en bovenaan in Google en komen in de loop der tijd pas aan bij hun uiteindelijke liefde na wat teleurstellingen. Zorg er dus voor dat je je domeinnaam niet gekoppeld hebt aan je hosting partij als vermeld in <a href="http://aweblog.net/2011/05/15/wat-is-een-domein-naam-en-zo/">Wat is een domein naam en zo</a>.</p>
<h3>5. Waar je op moet letten bij het kiezen van hosting</h3>
<p>De volgende lijst kun je als een checklist gebruiken:</p>
<table border="0" cellspacing="0" cellpadding="2" width="564">
<tbody>
<tr>
<td valign="top" width="148">Taal: <a href="http://php.net/">PHP versie</a></td>
<td valign="top" width="414">Officieel wordt WordPress ondersteund voor versies 4.3 en hoger. Maar ondersteuning voor PHP 5.3 en hoger is het beste aangezien er al plugins zijn die alleen die versie ondersteunen. Bovendien kun je dan gebruik maken van nieuwere PHP functies.</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="148">Database Server: <a href="http://dev.mysql.com/downloads/mysql/">MySQL versie</a></td>
<td valign="top" width="414">Officieel versie 4.1.2 en hoger maar hoe hoger hoe beter. MySQL Community Server is tegenwoordig eigendom van het bedrijf Oracle. Er bestaat ook een variant van de originele maker genaamd <a href="http://mariadb.org/">MariaDb</a> die ook compatible is. Als je echt een andere database achter WordPress wilt draaien dan is dat mogelijk maar ben je toegewezen op plugins of community projects.</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="148">WebServer:</td>
<td valign="top" width="414">Op WordPress.org wordt <a href="http://www.apache.org/">Apache</a> genoemd met minimaal mod_rewrite.&nbsp; Dit zullen vrijwel alle hostings partijeen ondersteunen. Als starter zul je dit het gemakkelijkst vinden omdat er veel ondersteuning voor is.<br />Echter… WordPress draait onder heel veel webservers. Zo draait WordPress.com zelf onder <a href="http://nginx.net/">Nginx</a> en ook dit weblog draait onder Nginx. Mocht je de vrijheid hebben om zelf een webserver te installeren dan kan ik Nginx aanraden.</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="148">Geheugen</td>
<td valign="top" width="414">Zodra je site iets groter wordt en je extra functionaliteit gaat gebruiken zul je tegen geheugen problemen aanlopen. Voor een startende blog is 512mb genoeg. Voor een multisite blog met redelijk wat database access zou ik toch zeker richting de 2 gig gaan.</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="148">Harde Schijf Ruimte</td>
<td valign="top" width="414">Dit is bij vrijwel geen host een probleem tenzij je gigantische veel zaken gaat opslaan.</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="148">CPU</td>
<td valign="top" width="414">Als je plugins gaat gebruiken die bijvoorbeeld grafische manipulaties gaan uitvoeren kijk dan goed naar de CPU. Je kunt de performance testen op je eigen PC en vergelijken met de CPU die er in zit.</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="148">Bandbreedte</td>
<td valign="top" width="414">Vrijwel nooit een probleem. We zullen later manieren bespreken om bandbreedte te sparen zoals “CDN”</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="148">SSH Shell access</td>
<td valign="top" width="414">Als je een beetje serieus aan de slag wilt dan is “command line” toegang tot je account af en toe broodnodig. Als je echt serieus aan de slag wilt dan is het essentieel.</td>
</tr>
</tbody>
</table>
<p>Lees meer over <a href="http://aweblog.net/2011/05/15/wat-is-een-domein-naam-en-zo/">domeinnamen en zo</a>.</p>
<p></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aweblog.net/index.php/2011/05/wat-is-web-hosting/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Wat is een domein naam en zo?</title>
		<link>http://aweblog.net/index.php/2011/05/wat-is-een-domein-naam-en-zo/</link>
		<comments>http://aweblog.net/index.php/2011/05/wat-is-een-domein-naam-en-zo/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 15 May 2011 00:42:20 +0000</pubDate>
		<dc:creator>weblog</dc:creator>
				<category><![CDATA[infrastructuur]]></category>
		<category><![CDATA[dns]]></category>
		<category><![CDATA[domein]]></category>
		<category><![CDATA[hosting]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aweblog.net/2011/05/15/wat-is-een-domein-naam-en-zo/</guid>
		<description><![CDATA[Er zijn nogal wat misverstanden onder beginners over domeinnamen. Veel beginnende webmasters gooien veel zaken door elkaar waaronder het registreren van een domeinnaam, het routen van de domeinnaam, het hosten van een website en het hosten van e-mail. We leggen kort wat concepten uit. &#160; IP adresElk apparaat dat deelneemt in een computer netwerk dat [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p></p><p><em>Er zijn nogal wat misverstanden onder beginners over domeinnamen. Veel beginnende webmasters gooien veel zaken door elkaar waaronder het registreren van een domeinnaam, het routen van de domeinnaam, het hosten van een website en het hosten van e-mail. We leggen kort wat concepten uit.<br /></em></p>
<p><span id="more-59"></span>
<p><em></em>&nbsp;</p>
<p><strong>IP adres</strong><br />Elk apparaat dat deelneemt in een computer netwerk dat IP (“het internet protocol”) gebruikt (er zijn veel meer netwerk protocollen waarvan het Internet Protocol er een van is) krijgt een IP adres. Bijvoorbeeld een computer, een netwerk printer, een netwerk ijskast of een aan internet verbonden telefoon.</p>
<p>Deze adressen zijn binair (dat wil zeggen 0-en en 1-en) maar worden in leesbare vorm gerepresenteerd. De oude vorm (IPv4) heeft 32 bits en gebruikt leesbare adressen als 127.0.0.1 en de nieuwe vorm (IPv6) heeft 128 bits en gebruikt leesbare adressen als 2001:db8:0:1234:0:567:8:1. Nu alle IPv4 adressen op zijn gaan we met zijn allen zo snel mogelijk over op IPv6.</p>
<p>De nummers die binnen besloten netwerken worden uitgedeeld (zoals je thuis netwerk) kunnen door jezelf worden bepaald. De nummers voor apparaten direct aan het Internet gekoppeld worden beheerd door <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/Internet_Assigned_Numbers_Authority">IANA</a>, de Internet Asssigned Numbers Authority. Dat doen ze al vanaf de start van het ARPANET als “de technische afdeling van het Internet”.</p>
<p>De nummers worden gealloceerd volgens het CIDR systeem wat werkt met prefixes achter het IP adres. Zo is bijvoorbeeld a.b.c.d<strong>/32 </strong>een specifieke computer en zijn a.b.c.0<strong>/23 </strong>512 computers. Als je ooit in de situatie terecht komt dat je je server toegang wilt beveiligen door alleen vanaf je thuis PC toegang te verlenen onthoud dan de /32 betekent “vanaf alleen deze PC”.</p>
<p><strong>Domein naam</strong></p>
<p>Aan publieke IP adressen kunnen ook namen worden toegekend. Dit gebeurd op een hierarchische manier waarbij met punten de hierarchie onderscheiden wordt. Je doet dit zelf bij elke url die je intypt in een browser.</p>
<p>Je kunt het zien als een telefoonboek. Bijvoorbeeld “example.com” leidt naar het adres <em>2620:0:2d0:200::10 </em>(destijds in IPv4 <i>192.0.32.10).</i></p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image15.png"><img style="background-image: none; border-bottom: 0px; border-left: 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; border-top: 0px; border-right: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb15.png" width="459" height="382"></a></p>
<p>Ook al is dit systeem hierarchisch, het betekent niet dat de gehele boom door 1 organisatie wordt beheerd. bijvoorbeeld “com” wordt beheerd door de top organisatie “example.com” door een register en “piet.example.com” door piet zelf die er dan weer “kees.piet.example.com” onder kan hangen.</p>
<p><strong>top level &#8211; </strong>Op top level niveau worden de ‘DNS Root Zone’ (Domain Name System root zone) beheerd door <a href="http://www.iana.org/">IANA</a>. We hebben het dan over ccTLD’s (de landen top level domein namen zoals .nl, .be) en de gTLD’s (zoals .COM). De complete lijst van top level domein namen kun je hier vinden: <a href="http://www.iana.org/domains/root/db/">http://www.iana.org/domains/root/db/</a>. Het is interessant om eens door te bladeren. Per TLD kun je terugvinden waar je moet wezen om een domein met die extensie te registeren. Bij sommige landen zitten daar een professionele organisatie achter als in Nederland <a href="https://www.sidn.nl/">SIDN</a>, in andere landen is het een vaag computerbedrijfje met een halfbakken computer die het de halve tijd niet doet. Soms wordt het beheerd door de overheid en soms door instanties.</p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image16.png"><img style="background-image: none; border-bottom: 0px; border-left: 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; border-top: 0px; border-right: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb16.png" width="559" height="395"></a></p>
<p><strong>official sub domains – </strong>Vervolgens zijn er direct 1 niveau onder de top level domains een lijst van officieele sub domein namen (zoals <em>co.uk</em> of <em>mil.ac</em>). Voor Nederland (.nl) geldt dat niet omdat in Nederland besloten is om geen officieele sub domain namen te hanteren, Nederland is hiermee een uitzondering, veel andere landen hebben dat wel gedaan. Het zijn dus sub domeinen die je niet kunt registeren omdat ze aangehouden zijn als officieel “top level domain” voor een land of globale term.</p>
<p>Een poging om alle officieele sub domains bij te houden wordt gedaan op de Public Suffix Lijst: <a href="http://publicsuffix.org/list/">http://publicsuffix.org/list/</a>. Ook interessant om eens door heen te scrollen.</p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image17.png"><img style="background-image: none; border-bottom: 0px; border-left: 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; border-top: 0px; border-right: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb17.png" width="537" height="395"></a></p>
<p><strong>STAP 1: Je eigen domein naam – </strong>vanaf een niveau onder de officieele sub domainnaam kunnen particulieren en/of organisatie en bedrijven een eigen naam registeren. De voorwaarden hiervoor kunnen per land verschillen per subdomeinnaam. Er zijn landen waar je alleen een domein kunt registeren als je er zelf in woont en het spreekt vanzelf dat in veel landen e.g. mil.xxx gereserveerd is voor louter militaire onderdelen van een land. Er zijn ook landen die weer alle provincies een officieel subdomein hebben gegeven waaronder je pas een domeinnaam mag registeren (zoals Australie en Canada), andere landen (zoals Brazilie) hebben dan weer bedrijfstakken als officiele groepen gedefinieerd en weer andere landen, zoals Bulgarije gebruiken simpelweg het alfabet voor de opdeling. Er zijn dan ook nog wat landen die “commercieel” zijn gegaan en gewoon alles hebben opengezet voor iedereen zoals bijvoorbeeld “.co”.</p>
<p>Je registeert dus in Nederland bijvoorbeeld “<strong>mijnsite</strong>.nl” of onder .com:&nbsp; “<strong>mijnsite</strong>.com” of onder .co.uk:&nbsp; “<strong>mijnsite</strong>.co.uk”.</p>
<p><strong>Verdere subdomeinen</strong><br />Omdat je dan eigenaar bent van dat domein staat het je vrij om alles wat DAAR dan weer onder hangt zelf verder te beheren. D.w.z. je kunt dan zelf weer domeinnamen gaan verhuren als `<strong>a</strong>.mijnsite.nl` of `<strong>piet</strong>.mijnsite.nl´. En op zijn beurt zou Piet dan weer domeinen kunnen verhuren als `<strong>kees</strong>.piet.mijnsite.nl, enzovoort. </p>
<p>In plaats van subdomeinen kun je ook kiezen voor paden, je kunt bijvoorbeeld unieke adressen verhuren als “mijnsite.nl/piet”&nbsp; en “mijnsite.nl/kees” aan respectievelijk piet en kees. Als je bijvoorbeeld een facebook of youtube account maakt krijg je zelf zo’n namespace. “facebook.com/weblog”.</p>
<p>Als je WordPress installeert op een bepaald domein bijvoorbeeld “mijnsite.nl” kun je de multisite functionaliteit aanzetten en ervoor kiezen om OFTEWEL via subdomeinen andere gebruikers blogs te laten aanmaken (“piet.mijnsite.nl”) oftewel via paden (“mijnsite.nl/piet”). Alles wat daar dan verder onder hangt bijvoorbeeld “piet.mijnsite.nl/mijnblog/mijnposting.php” is dan content van Piet en niet van jou.</p>
<p><strong>DNS</strong></p>
<p>Je hebt dus nu gezien dat domeinen volgens een bepaalde hierachie werken. Het computer systeem wat dit regelt wordt DNS genoemd: het Domain Name System.</p>
<p>Het is niets meer dan een record per domeinnaam met wat informatie over naar waar wat gerouteerd moet worden.</p>
<p>Dit gebeurd in een programma dat de DNS server heet en <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/BIND">BIND</a> wordt hiervoor veel gebruikt (<a href="http://en.wikipedia.org/wiki/Comparison_of_DNS_server_software">maar er zijn meer systemen</a>). BIND is gratis.</p>
<p>Dat je een domeinnaam geregistreerd hebt betekent niet dat je nu je domeinnaam ook in een DNS Server hebt opgenomen. Meestal gebeurd dit wel automatisch als “service” omdat de meeste registers (dat wil zeggen instanties waar je domeinnamen kunt registeren) ook een DNS server hebben draaien.</p>
<p>Dus veel gebruikers maken de misvatting dat een domeinnaam registeren automatisch betekent dat je vast zit aan een bepaalde DNS server.</p>
<p><strong>STAP 2: </strong>Na de registratie bij een register kun je ervoor kiezen om oftewel zelf (meestal 2) DNS servers te installeren of een goede DNS host te zoeken. </p>
<p>Als je meerdere subdomeins gaat verzorgen onder je eigen domein naam of zelf zeker wilt weten dat het beheer van je DNS goed gaat kun je ervoor kiezen om zelf DNS servers op te zetten. Zeker in dit tijdperk van Cloud computing kan dit tegenwoordig vrij makkelijk door 2 ready-made DNS servers te activeren en te configureren.</p>
<p>Je kunt ook als 2e stap een goede DNS host zoeken die vaak toegevoegde waarde bieden als het bij voorbaat blokkeren van slechte mensen of computers of het cachen van je data zodat het sneller tevoorschijn komt bij eindgebruikers.</p>
<p>Er zijn erg veel bedrijven die dit aanbieden je kunt eens in Google zoeken op “<a href="http://www.google.nl/search?sourceid=chrome&amp;ie=UTF-8&amp;q=good+DNS+hosting">good DNS hosting</a>”. Vaak genoemd zijn:</p>
<p>- <a href="http://dyn.com/enterprise-dns/dynect-platform">http://dyn.com/enterprise-dns/dynect-platform</a><br />- <a href="http://www.dyndns.com/services/dynectsmb/">http://www.dyndns.com/services/dynectsmb/</a><br />- <a href="http://durabledns.com/">http://durabledns.com/</a></p>
<p>Het voordeel van je domeinnaam bij een DNS gespecializeerd bedrijf onderbrengen in plaats van bij het bedrijf waar je je domeinnaam registeert is dat DNS hun core business is en je er vaak veel meerwaarde vindt puur op DNS gebied (zoals API’s)(programmeerbare toegang).</p>
<p><strong>STAP 3: E-mail hosting (MX)</strong></p>
<p>Veel beginnende gebruikers denken vervolgens dat e-mail en webhosting bij hetzelfde bedrijf ondergebracht moet worden. Maar dit is niet zo. In je DNS record (dat je zelf kunt beheren) kun je o.a. via het MX record aangeven waar je e-mail naartoe gerouted moet worden.</p>
<p>Bijvoorbeeld in het geval van deze site, “aweblog.net” laat ik mijn e-mail afhandelen bij dreamhost en mijn web hosting gaat naar mijn Amazon cloud VPN’s IP adres, 2 hele verschillende bedrijven:</p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image18.png"><img style="background-image: none; border-bottom: 0px; border-left: 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; border-top: 0px; border-right: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb18.png" width="538" height="299"></a></p>
<p>Ik heb dit gedaan in dit geval om de simpele reden dat Amazon alleen webhosting biedt en geen e-mail hosting.</p>
<p>In andere gevallen kun je ervoor kiezen om wederom bedrijven te kiezen die gespecializeerd zijn op e-mail hosting en allerlei toegevoegde waarde geven aan je e-mail hosting of… dat je je web hosting op allerlei verschillende plekken hebt ( kees.mijnsite.nl host je bedrijf X en piet.mijnsite.nl host je bij bedrijf Y).</p>
<p>Zodra je je bij een bedrijf geregistreerd hebt voor e-mail hosting krijg je een MX record van dat bedrijf dat je in je DNS Zone file in je DNS server kunt opnemen (als in het voorbeeld hierboven).</p>
<p><strong>STAP 4: Web Hosting</strong></p>
<p>Vervolgens zoek je een partij die je site gaat hosten, huurt een stukje webruimte, en plaatst daar dan (bijvoorbeeld) je WordPress bestanden.</p>
<p>Je krijgt van die partij dan een IP adres, dat IP adres kun je invoeren in je DNS record (zone file) op je eigen DNS server of je gehuurde DNS server en alle traffic wordt goed geleid naar je website.</p>
<p><strong>STAP 5: DNS Record verfijnen</strong></p>
<p>Ik ga niet het hele DNS Zone record uitleggen maar van belang voor WordPress specifiek is nog de toevoeging van het * in je A record. Nogmaals het voorbeeld:</p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image19.png"><img style="background-image: none; border-bottom: 0px; border-left: 0px; margin: 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; border-top: 0px; border-right: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb19.png" width="538" height="299"></a></p>
<p>Dit betekent dat alle subdomeinen ook gewoon worden geforwarded naar het hoofd ip adres dus ook “bob.kees.jan.mijnsite.nl” gaat richting 122.248.246.7. Dit is handig omdat, als je WordPress Multisite aanschakelt met subdomeinen ook je nieuwe sub-blogs goed worden afgehandeld.</p>
<p>Nog heel even kort samengevat:</p>
<p>1. het bedrijf waar je je domeinnaam registeert hoeft niet het bedrijf te zijn waar je je DNS server entries hebt draaien<br />2. het bedrijf waar je je domeinnaam registeert hoeft niet de partij te zijn waar je je e-mail host<br />3. het bedrijf waar je je domeinnaam registeert hoeft niet de partij te zijn waar je je webruimte host</p>
<p>Je ziet vaak dat registers belabberde DNS API’s of toegang bieden of in sommige gevallen helemaal geen toegang als een soort “locked in” situatie.</p>
<p>Je ziet ook vaak dat registers een soort “locked in” situatie hebben qua hosting, d.w.z. dat je bijna verplicht bent om EN je domein er te registeren EN je domein in hun DNS service te laten draaien EN ook nog eens je domein er te hosten….</p>
<p>Ik zou in ieder geval aanraden om altijd de register en de hosting te scheiden om bij voorbaat zeker te stellen dat je eenvoudig van hosting kunt switchen (wat vanzelf gebeurd als je groeit). Soms kom je dan in situaties dat je je E-mail ook apart moet hosten of je eigen e-mail servers moet gaan opzetten.</p>
<p>En als je nog sterker groeit allereerst over te gaan op dedicated DNS hosting en later op eigen gehoste DNS servers.</p>
<p>Ik zal later een blogpost maken over “hosting”. Je kunt de volgende tabel gebruiken om in te vullen waar je wat gaat hosten:</p>
<table border="0" cellspacing="0" cellpadding="2" width="598">
<tbody>
<tr>
<td valign="top" width="220"><strong>Service:</strong></td>
<td valign="top" width="194"><strong>Door Bedrijf/Zelf:</strong></td>
<td valign="top" width="182"><strong>Kwaliteit</strong></td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="220">Registreren van Domein</td>
<td valign="top" width="194">…</td>
<td valign="top" width="182">*****</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="220">DNS Service </td>
<td valign="top" width="194">…</td>
<td valign="top" width="182">*****</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="220">E-mail hosting</td>
<td valign="top" width="194">…</td>
<td valign="top" width="182">*****</td>
</tr>
<tr>
<td valign="top" width="220">Web hosting</td>
<td valign="top" width="194">…</td>
<td valign="top" width="231">*****</td>
</tr>
</tbody>
</table>
<p></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aweblog.net/index.php/2011/05/wat-is-een-domein-naam-en-zo/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>HTML en zo voor beginners deel 2</title>
		<link>http://aweblog.net/index.php/2011/05/html-en-zo-voor-beginners-deel-2/</link>
		<comments>http://aweblog.net/index.php/2011/05/html-en-zo-voor-beginners-deel-2/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 14 May 2011 01:06:40 +0000</pubDate>
		<dc:creator>weblog</dc:creator>
				<category><![CDATA[html_enzo]]></category>
		<category><![CDATA[css]]></category>
		<category><![CDATA[html. cgi]]></category>
		<category><![CDATA[javascript]]></category>
		<category><![CDATA[php]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aweblog.net/2011/05/14/html-en-zo-voor-beginners-deel-2/</guid>
		<description><![CDATA[In deel 1 hebben we de concepten HTML, Webserver, Webbrowser en HTTP aangestipt. In dit deel gaan we iets dieper in op HTML …. en wat eruit volgde: een hele batterij verbeteringen: CGI, Server Side scripting (PHP), Client Side Scripting (JavaScript), CSS en nog veel meer. HTML Nadat Tim in 1989 zijn memo maakte met [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p></p><p><em>In </em><a href="http://aweblog.net/2011/05/11/html-en-zo-voor-beginners/"><em>deel 1</em></a><em> hebben we de concepten HTML, Webserver, Webbrowser en HTTP aangestipt. In dit deel gaan we iets dieper in op HTML …. en wat eruit volgde: een hele batterij verbeteringen: CGI, Server Side scripting (PHP), Client Side Scripting (JavaScript), CSS en nog veel meer.</em></p>
<p><span id="more-47"></span><br />
<h3>HTML</h3>
<p>Nadat Tim in 1989 zijn memo maakte met het voorstel om een tag gebaseerd document te gebruiken als communicatie middel, het HTML document, gingen veel verschillende groepjes hier mee aan de slag. Allemaal kwamen ze met eigen inbreng en eigen zelf bedachte tags.</p>
<p>Kortom: het werd chaos en er werd gezocht naar een standaard lijstje van tags die iedereen moest gebruiken. Handig, want zo kon ook een web-browser gestandaardiseerd worden. Rond 1995 kwam er beweging in. De originele tag taal werd met terugwerkende kracht HTML 1.0 genoemd en er werd vergaderd over welke tags wel en welke tags niet in HTML 2.0 zouden moeten worden opgenomen.</p>
<p>Mocht je nog geen ervaring hebben met een HTML document: copy en paste het volgende in een text document (bijvoorbeeld met notepad) en save / bewaar het document als “index.html”. Als je dit bestand dubbelklikt zal het openen in je browser.</p>
<pre class="brush: xhtml">&lt;html&gt;
&lt;head&gt;
&lt;title&gt;dit is de titel van het document&lt;/title&gt;
&lt;/head&gt;
&lt;body&gt;
&lt;p&gt;En hier is het HTML document !&lt;/p&gt;
&lt;/body&gt;
&lt;/html&gt;</pre>
<pre class="brush: xhtml"></pre>
<p>Elk HTML bestand begint met de tag &lt;HTML&gt; en eindigt met &lt;/HTML&gt;. Binnen zo’n document heb je 1 gedeelte voor de meta data in de &lt;HEAD&gt; … &lt;/HEAD&gt; en een gedeelte voor de content tussen &lt;BODY&gt; … &lt;/BODY&gt;.</p>
<p>In 1995 werd een HTML working group gecreeerd die de standaarden voor HTML 2.0 vastlegde. De standaard werd vastgelegd <a href="http://tools.ietf.org/html/rfc1866">in het request for comments (rfc) document nummer 1866</a>. Als je dit document doorbladert zul je de tags (‘elementen’) zien terugkomen.</p>
<p>Direct daarna werden “Forms” toegevoegd waarmee je files kunt uploaden in formulier formaat. Er werden tabellen toegevoegd en client-side image maps (die niet meer gebruikt worden).</p>
<p>Tegenwoordig zitten we op HTML 5 dat door de meest moderne browsers ondersteund wordt.</p>
<p>Als je HTML wilt leren kun je dit het beste gewoon DOEN. Er zijn miljoenen websites die overzichten geven van HTML elementen en je kunt er lang mee zoet zijn om het compleet te masteren. </p>
<p>Belangrijker is dat je het concept door hebt. Het zijn tekst documenten die volgens een bepaalde standaard worden vormgegeven.</p>
<p>Een bekende site met meer HTML lessen en voorbeelden is <a href="http://www.w3schools.com/html/default.asp">http://www.w3schools.com/html/default.asp</a></p>
<h3>Dynamisch documenten en CGI</h3>
<p>Al voor 1994 begon men te werken met dynamische documenten. Bij een dynamisch document wordt het HTML document niet getypt door een gebruiker maar door een computer programma.</p>
<p>Dat werd dus veel gebruikt om back-office koppelingen te maken, de input van formulieren te verwerken en om allerlei applicaties te koppelen.</p>
<p>De interface tussen de server en programma die dynamische documenten genereren is gedefinieerd in de Common Gateway specification (CGI). (<a href="http://tools.ietf.org/html/rfc3875">RFC 3875</a>).</p>
<p>Dat betekende dat je programma’s kon maken, “CGI Scripts” die in elke mogelijke programmeertaal kunnen worden geschreven (Perl, C) enz… al rond 1995 kon je zo bijvoorbeeld onder Windows in Visual Basic programma’s schrijven om Windows DLL’s aan te roepen. Ik zelf schreef mijn CGI scripts meestal in Perl, nog steeds een van mijn favoriete talen.</p>
<p>De webserver roept dus het CGI script aan en geeft zowel omgevings variabelen door als de standaard input stroom door (d.w.z. de standaard communicatie). Het CGI script spuwt vervolgens de HTML uit die weer geretourneerd wordt naar de browser.</p>
<p>Als je in Google een woord typt en vervolgens op zoeken drukt zie je een lange rij van karakters in de browser, bijvoorbeeld: http://www.google.nl/search<font style="background-color: #ffff00">?</font>aq=f<font style="background-color: #ffff00">&amp;</font>sourceid=chrome<font style="background-color: #ffff00">&amp;</font>ie=UTF-8<font style="background-color: #ffff00">&amp;</font>q=weblog</p>
<p>Het gedeelte vanaf het vraagteken (afspraak) is de “query string”, telkens als er dan een &amp; staat heb je een paar gegevens dat “aan de achterkant” wordt doorgegeven.</p>
<p>Dus in het voorbeeld hierboven aq=f EN sourceid=chrome EN ie=UTF EN q=weblog. Wat die gegevens betekenen mag elke applicatie zelf bepalen.</p>
<p>Net zoals de querystring hierboven als afspraak is bepaald zijn er nog meer standaard variabelen die over en weer worden doorgegeven een ervan is het CONTENT_TYPE wat aangeeft in welk formaat de content is, bijvoorbeeld een HTML document of een JPG/PNG/GIF plaatje.</p>
<p>Je zult later zien dat je in WordPress met al deze zaken kunt spelen.</p>
<h3>SERVER SIDE SCRIPTING</h3>
<p>Na verloop van tijd kwam het idee om niet zozeer losse CGI scripts te hebben die aan de achterkant dynamisch HTML pagina’s maakten maar… om direct in de HTML pagina’s zelf code te plaatsen, gewoon tussen de HTML code door.</p>
<p>Er zijn erg veel server side scripting talen. Wellicht heb je gehoord van ASP en later ASP.NET van Microsoft of server-side Javascript of Perl of TCL server side script.</p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image13.png"><img style="background-image: none; border-right-width: 0px; margin: 0px 5px 0px 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; float: left; border-top-width: 0px; border-bottom-width: 0px; border-left-width: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" align="left" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb13.png" width="244" height="232"></a>Echter WordPress maakt gebruik van “PHP”. Het is dus belangrijk om naast HTML iets van PHP te weten.</p>
<p>PHP werd ‘bedacht’ door een jongen genaamd <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/Rasmus_Lerdorf">Rasmus Lerdorf</a> in 1995 voor zijn eigen prive website. Hij codeerde in Perl wat statements en kon zo handiger en sneller zijn website genereren.</p>
<p>Na verloop van tijd kwamen <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/Zeev_Suraski">Zeev Suraski</a> en <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/Andi_Gutmans">Andi Gutmans</a> hem helpen en herschreven het in C wat de basis vormde van versie 3. Ze vormden toen het bedrijf <a href="http://www.zend.com/en/">ZEND technologies</a> wat nog steeds innig verbonden is met PHP. </p>
<p>Tegenwoordig zitten we op versie 5.3 en binnenkort komt versie 6.0 van PHP uit.</p>
<p>Als je een willkeurige bestand van WordPress opent zul je zien dat het compleet PHP is of PHP met HTML tags erdoorheen. </p>
<p>Een voorbeeld:</p>
<pre class="brush: php">&lt;?php

echo "hello world";

?&gt;</pre>
<p>Een PHP document begint altijd met &lt;?php , vervolgens de code van PHP (“echo” betekent bijvoorbeeld dat de bijbehorende tekst op het scherm gezet moet worden) en dan een PHP end tag (“?&gt;”) wat weer gevolgd kan worden door een stukje HTML wat weer gevolgd kan worden door een stuk PHP.</p>
<p>Een voorbeeld uit een WordPress thema:</p>
<pre class="brush: php"><font style="background-color: #ffff00">&lt;?php

/**
 * The Template for displaying all single posts.

   *
 * @package WordPress

   * @subpackage Twenty_Ten

   * @since Twenty Ten 1.0

   */

get_header(); ?&gt;</font>

&lt;div id="container"&gt;

&lt;div id="content" role="main"&gt;

<font style="background-color: #ffff00">&lt;?php

/* Run the loop to output the post.

 * If you want to overload this in a child theme then include a file

* called loop-single.php and that will be used instead.

*/

get_template_part( 'loop', 'single' );

?&gt;</font>

&lt;/div&gt;
&lt;!-- #content --&gt;

&lt;/div&gt;
&lt;!-- #container --&gt;

<font style="background-color: #ffff00">&lt;?php get_sidebar(); ?&gt;</font>

<font style="background-color: #ffff00">&lt;?php get_footer(); ?&gt;</font> </pre>
<p>Net zoals HTML is PHP een kwestie van genoeg van die “tags” tegen komen en desnoods opzoeken. Hoe meer je er bent tegengekomen hoe beter je de taal begrijpt. </p>
<p>De belangrijkste site om meer informatie te zoeken is : <a href="http://php.net/">http://php.net/</a> ; als je specifieke cases tegenkomt die je wilt vragen is: <a href="http://stackoverflow.com/">http://stackoverflow.com/</a> een heel goede vraag en antwoord site.</p>
<p>Een beetje basis kennis van PHP is handig om te weten hoe je kleine wijzigingen in je thema of in een plugin kunt maken van je website. Als je er beter in wordt kun je zelf thema’s en plugins gaan maken. Als je er heel goed in wordt kun je meehelpen aan de source code van WordPress.</p>
<h3>CLIENT SIDE SCRIPTING</h3>
<p>Bijna tegelijkertijd met het idee van server side scripting kwam het idee om ook aan de kant van de browser (dus bij de eindgebruiker) programmeer code toe te voegen aan de HTML pagina’s. </p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image14.png"><img style="background-image: none; border-right-width: 0px; margin: 0px 5px 0px 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; float: left; border-top-width: 0px; border-bottom-width: 0px; border-left-width: 0px; padding-top: 0px" title="image" border="0" alt="image" align="left" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb14.png" width="195" height="244"></a>Het voordeel hiervan is dat er aan de kant van de client allerlei bewerkingen kunnen worden uitgevoerd zonder de server te belasten. Brendan Erich van Netscape kwam met zo’n taal genaamd Mocha wat later LiveScript ging heten en nog later JavaScript (1995). De standaardizatie naam is ECMAScript.</p>
<p>Client-side javascript heeft dus geen toegang tot de server en wordt gewoon meegeleverd in de code die je kunt zien als je op een willekeurige webpagina klikt op “view source”. Meestal echter wordt er een referentie gemaakt naar losse bestanden waarin de javascript code te vinden is.</p>
<p>Een voorbeeld is de Google Analytics code die je veel tegenkomt:</p>
<pre class="brush: javascript">&lt;script type="text/javascript"&gt;
    var gaJsHost = (("https:" == document.location.protocol) ? "https://ssl." : "http://www.");
    document.write(unescape("%3Cscript src='" + gaJsHost + "google-analytics.com/ga.js' type='text/javascript'%3E%3C/script%3E"));
&lt;/script&gt;
&lt;script type="text/javascript"&gt;
    try {
        var pageTracker = _gat._getTracker("UA-306232-1");
        pageTracker._trackPageview();
    } catch(err) {}&lt;/script&gt;
	</pre>
<p>Er zijn veel websites die je stukjes javascript code geven om in te voegen in je website om functionaliteiten uit te voeren zoals widgets.</p>
<p>Maar JavaScript is enorm gegroeid. Tegenwoordig zijn er initatieven als <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/Nodejs">node.js</a> waarin programma’s als webservers geschreven kunnen worden. Het is een grote wereld geworden waar je full-time in zou kunnen werken.</p>
<h3>Dynamic HTML</h3>
<p>Zoals we besproken hebben bestaat HTML uit een evenwichtige structuur. Je zou een hele HTML webpagina kunnen tekenen in een boom structuur. Die boomstructuur wordt de DOM genoemd. Het Document Object Model. Een web browser representeert elk HTML document als DOM om mee te werken. In zowel Google Chrome als Firefox als Internet Explorer vindt je een optie om die DOM te zien van elke willekeurige webpagina.</p>
<p>Als je nu client-side Javascript gebruikt om die HTML pagina aan de browser kant te manipuleren (bijvoorbeeld ‘plaats een sterretje als de gebruiker een verplicht veld niet heeft ingevuld’). dan spreek je over Dynamic HTML. </p>
<p>Let op: je zou net zo goed dat document naar de server kunnen sturen, daar laten controleren en dan opnieuw kunnen retourneren MET het sterretje maar het grote verschil is dus dat er geen round-trip naar de server wordt gedaan. Alle validaties zitten in dit geval aan de client-kant. In de HTML pagina zelf dus.</p>
<p>Een bekend voorbeeld destijds waren de Dynamische HTML menu’s. <a href="http://www.dynamicdrive.com/">Hier</a> kun je wat voorbeelden vinden. (tegenwoordig is het meer trendy om hiervoor CSS te gebruiken).</p>
<h3>AJAX</h3>
<p>Rond 2005 kwam langzaam de trend op om vanuit de client-side scripted pagina’s toch calls te doen naar de server maar wel op zo’n manier dat de server niet elke keer een nieuwe HTML pagina hoefde te retourneren. Bekende termen hierin zijn <a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/XMLHTTP">XMLHttpRequest</a>, XM-RPC en <a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/JSON">JSON</a>.</p>
<p>WordPress maakt hier veelvuldig gebruik van. Probeer maar eens een nieuw widget te “draggen” naar een sidebar, je zult zien dat je dit kunt doen zonder pagina verversingen. “onder water” stuurt de client-side javascript gegevens naar de server en krijgt gegevens terug, dus zonder dat de pagina ververst hoeft te worden via “requests”.</p>
<p>Vrijwel alle grote websites gebruiken nu “AJAX” en aanverwante technieken om de gebruiker een gebruikers interface te geven die meer lijkt op die van een desktop applicatie.</p>
<h3>CSS</h3>
<p>Iets heel anders is CSS. Binnen de programmeerwereld bestaat het geloof dat de “gebruikersinterface” altijd los moet staan van de code aan de achterkant.</p>
<p>Dat is bijna een heilig iets wat terugkomt in allerlei vormen en gedaantes.</p>
<p>Het idee is dat een grafisch team zich kan focussen op de GUI en een programmer team op de achterkant zonder elkaar in de weg te zitten.</p>
<p>Het idee is ook dat je dan eenvoudig de gebruikers interface kan aanpassen (bijvoorbeeld een andere achtergrondkleur) zonder dat je daarvoor programmeercode hoeft aan te passen of de content maar ook die gebruikers interface anders weergeven naargelang de gebruiker bijvoorbeeld in braille-vorm voor blinden of in printervorm voor een printer.</p>
<p>CSS (<a href="http://en.wikipedia.org/wiki/Cascading_Style_Sheets">cascading style sheets</a>) is een standaard die alleen gaat over de GUI. </p>
<p>Voorbeeld:</p>
<pre class="brush: css; toolbar: false">h1 { color: white; background-color: orange !important; }
h2 { color: white; background-color: green !important; }</pre>
<p>Hiermee maken we de achtergrond van header1 oranje en de achtergrond van header2 groen.</p>
<p>Deze css ‘code’ kan in het HTML document zelf geplaatst worden of wederom in hierin gelinkte losse stylesheet bestanden (meestal met extensie .css).</p>
<p>In elke WordPress thema is er altijd een stylesheet.css waarin de regels zijn opgenomen voor de vormgeving van het thema. Dus alles wat te maken heeft met kleuren, lettertypes en vormgeving.</p>
<h3>Java</h3>
<p>De programmeer taal Java wordt niet gebruikt binnen WordPress behalve als je zelf Java applets of andere functionaliteit (zoals e.g. integratie met een java application server) gebruikt in je eigen thema.</p>
<p>Daarom skippen we Java in onze beschrijving.</p>
<p>Java is een programmeertaal die nu beheert wordt door het bedrijf Oracle. </p>
<p>Let op: Java is iets heel anders dan Javascript.</p>
<p></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aweblog.net/index.php/2011/05/html-en-zo-voor-beginners-deel-2/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>HTML en zo voor beginners deel 1</title>
		<link>http://aweblog.net/index.php/2011/05/html-en-zo-voor-beginners/</link>
		<comments>http://aweblog.net/index.php/2011/05/html-en-zo-voor-beginners/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 11 May 2011 08:35:27 +0000</pubDate>
		<dc:creator>weblog</dc:creator>
				<category><![CDATA[html_enzo]]></category>
		<category><![CDATA[html]]></category>
		<category><![CDATA[http]]></category>
		<category><![CDATA[webbrowser]]></category>
		<category><![CDATA[webserver]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aweblog.net/2011/05/11/html-en-zo-voor-beginners/</guid>
		<description><![CDATA[Wanneer je met WordPress aan de slag gaat zul je merken dat er ook allerlei technische begrippen bij komen kijken. In de serie ‘techniek’ stippen we telkens een concept aan met genoeg handreikingen om er dan zelf verder mee aan de slag te gaan. Het eerste deel stipt de context rondom &#8220;HTML&#8221; aan. Over HTML [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p></p><p><em>Wanneer je met WordPress aan de slag gaat zul je merken dat er ook allerlei technische begrippen bij komen kijken. In de serie ‘techniek’ stippen we telkens een concept aan met genoeg handreikingen om er dan zelf verder mee aan de slag te gaan. Het eerste deel stipt de context rondom &#8220;HTML&#8221; aan.</em></p>
<p><em><span id="more-34"></span><br />
</em></p>
<p>Over HTML kunnen we kort zijn: web documenten worden geschreven in HTML.</p>
<p>Om het iets minder eng te maken begin ik met een verhaaltje…</p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image10.png"><img style="background-image: none; margin: 0px 4px 0px 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; float: left; padding-top: 0px; border-width: 0px;" title="image" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb10.png" border="0" alt="image" width="159" height="244" align="left" /></a>Gedurende de geschiedenis werd de impact van nieuwe technologie op de uitslag van oorlogen steeds belangrijker. Door het gebruik van nieuwe technologie werden oorlogen ook steeds gruwelijker en de mogelijkheden steeds enger. Dat leidde er onder andere toe dat Henry Dunant in 1862 het boek ‘the horrors of war’ schreef waarop het Rode Kruis werd opgericht. Het leidde ook tot de conventies van Geneve waar humantaire afspraken werden gemaakt over mensen in tijd van oorlog.</p>
<p>Maar ook het gebruik van die technologie kwam onder discussie. Tijdens de Conventies in Den Haag in 1899 en 1907 werden ‘oorlogs regels’ vastgesteld op initiatief van Czar Nicholas II (die later vermoord werd door zijn volk).</p>
<p>We krijgen dan een turbulente serie van gebeurtenissen. Aan de ene kant de 1e wereld oorlog en ‘het volk dat aan de macht komt in Rusland’ aan de andere kant een berg aan nieuwe wetenschappelijke groei waarbij de basis voor ontdekkingen als het atoom, Laser en DNA voorbij komen.</p>
<p>Gedurende de 1e wereldoorlog wordt er de National Research Council opgericht dat wetenschappers en militairen nader tot elkaar brengt. Een Vannevar Bush is hier dan ook werkzaam.</p>
<p>Overal groeit het besef dat wetenschap en oorlog meer en meer vergroeit met elkaar zijn en zullen raken.</p>
<p>Vannevar Bush, die dit beseft en Franklin Delano Roosevelt weet te bewerken krijgt het voor elkaar om een nieuw samenwerkingsvoorstel te lanceren, het wetenschap-industry-militair samenwerkingsverband.</p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image11.png"><img style="background-image: none; margin: 0px 2px 0px 0px; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; float: left; padding-top: 0px; border-width: 0px;" title="image" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb11.png" border="0" alt="image" width="229" height="181" align="left" /></a>Vannevar Bush is in hoge mate betrokken bij de spinoffs van het zoeken naar de kleine deeltjes zoals de atoom bom maar bij talloze andere projecten. Een van zijn ideeen is de Memex waar hij het essay <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/As_We_May_Think">As We May Think</a> over schrijft.. Waarop later Douglas Engelbart het idee uitwerkt van de muis, word processer en de hyperlink gelijk aan Ted Nelson. En wat basically het basis idee vormt voor het World Wide Web.</p>
<blockquote><p>Many scientists, especially physicists, get new duties during the War. Now, after the war, they need new duties.</p>
<p><em>Section 1:</em> The use of Science has improved tremendously in many ways for humans. The knowledge of science has grown considerably. However, the way we manage it still remains the same for centuries. We are no longer able to use what Science finds out. Alternatively, the technology has matured greatly and allows us to now produce complicated, yet cheap and dependable machines.</p>
<p><em>Section 2:</em> Science is really useful. However, in order to have it to be very efficient and useful it should not only be stored but also be frequently consulted and enhanced. In the future we would probably be able to store human writings in a small room with the use of photography.</p>
<p><em>Section 3:</em> Using the latest advances of speech recording and stenography, we will soon be able to make printing immediate. The advancement of photography is not going to stop. The thought process of repetition could be in relation to machine. Electrical machines will be the advancement of arithmetical computation.</p>
<p><em>Section 4:</em> There is more to the scientific reasoning than just arithmetic. There are a few machines that are not used for arithmetic, partly due to the market’s needs. Solving higher mathematics require other repetitive processes of thought to be mechanized.</p>
<p><em>Section 5:</em> A machine could be used anywhere where there is logical thought process. At this moment we do not have the necessary tools for the selection (the key to utilize science) of knowledge. One of the best forms of selection is illustrated by the automatic telephone exchange.</p>
<p><em>Section 6:</em> There is a problem with selection. The main problem of it is the deficiency of the indexing systems. When data is recorded and put into storage, it is usually filed alphabetically or numerically. The human mind works differently. It works according to association. Instead of using selection by indexing, selection by association may be mechanized. Thus, improving the permanence and clarity of the items stored. The memex is a device that could store information and communication (large memory). Some things that can be entered are, newspaper and books. The user is also able to find a particular book as he or she taps on its code on the keyboard. The codes that are frequently used to call forth pages are mnemonic and its possible to browse these pages at different speeds.</p>
<p><em>Section 7:</em> The main feature of the memex is the ability to tie two things together at will. In other words, to be able to associate two arbitrary items when wanted. The user is also able to build a trail, in which they name it, insert a name into the code book, and then taps it out on the keyboard. At any time, the user is able to view two items at the same time, parallel viewing. It is also possible to pass items to another memex.</p>
<p><em>Section 8:</em> The trails made can be shared with others and can also be published, like an encyclopedia (many more new forms are to appear). Soon we will be able to establish some kind of direct connection with absorbing material of the record with one of our senses, tactilely, orally, and visually. It would be great for humans to be able analyze present issues. As of now, science has been applied to live better, as well as for destruction. Possibly we may be able to apply the record to become wiser.</p></blockquote>
<p>Wat hij hier zegt is dat informatie gepresenteerd moet worden op een manier zoals mensen denken. Dat leidt tot het idee van het alom geinterlinkte World Wide Web. En door de toename van storage capaciteit zal het op een gegeven zover zijn dat we alle data op het Internet kunnen meedragen op ons mobieltje. Maar het is niet lineaire data maar data die door software op een menselijke manier te benaderen valt en zich representeert naargelang de situatie.</p>
<p>Rond 1980 werkte Tim Berners Lee bij CERN als contractor (dat als vervolg op het atoom zoekt naar nog kleinere deeltjes) waar hij werkte aan een systeem om documenten te delen. Zoals zo vaak komen mensen gedurende het maken van een systeem op nieuwe ideeen, zo ook Tim.</p>
<p>Rond 1989 maakte hij een memo waarin hij voorstelde om een op internet gebaseerd hypertext systeem te maken. En daarmee komen een aantal stromen weer bij elkaar. Hij stelt voor om documenten op te maken in “hypertext markup language”.</p>
<p>In 1991 schrijft hij een documentje dat hij noemt ‘<a href="http://www.w3.org/History/19921103-hypertext/hypertext/WWW/MarkUp/Tags.html">HTML tags’</a> waarin hij 20 tags beschrijft voor het maken van een HTML document.</p>
<blockquote><p>This is a list of tags used in the <a name="0" href="http://www.w3.org/History/19921103-hypertext/hypertext/WWW/MarkUp/MarkUp.html#4">HTML</a> language. Each tag starts with a tag opener (a less than sign) and ends with a tag closer (a greater than sign). Many tags have corresponding closing tags which identical except for a slash after the tag opener. (For example, the<a name="3" href="http://www.w3.org/History/19921103-hypertext/hypertext/WWW/MarkUp/Tags.html#2"> TITLE</a> tag).</p>
<p>Some tags take parameters, called attributes. The attributes are given after the tag, separated by spaces. Certain attributes have an effect simply by their presence, others are followed by an equals sign and a value. (See the <a name="5" href="http://www.w3.org/History/19921103-hypertext/hypertext/WWW/MarkUp/Tags.html#4">Anchor</a> tag, for example). The names of tags and attributes are not case sensitive: they may be in lower, upper, or mixed case with exactly the same meaning. (In this document they are generally represented in upper case.)</p></blockquote>
<p>En zo simpel is het… een HTML document is een simpel text document dat een paar tags bevat die altijd beginnen met &lt;TAG&gt; en altijd eindigen met &lt;/TAG&gt; (met als uitzondering korte tags die direct eindigen zoals &lt;TAG /&gt;.</p>
<p>Wanneer je bijvoorbeeld <em>&lt;TITLE&gt; dit is de title &lt;/TITLE&gt;</em> in het document typt zal <em>“dit is de title”</em> verschijnen als titel in je browser.</p>
<p>Natuurlijk is er een programma nodig dat deze HTML pagina´s kan leveren aan andere computers, dit werd de Web Server genoemd. De 1e versie kende slechts 1 commando “GET”.</p>
<p>Er is dan ook een programma nodig waarmee je met die web server kan praten “GET HTML document” en dat werd de Web Browser genoemd.</p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image12.png"><img style="display: inline;" title="image" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb12.png" alt="image" width="543" height="192" /></a></p>
<p>Als je een voorbeeld wilt zien van een HTML document dan klik je op “view source / paginabron bekijken” in het menu van je browser op een willekeurige pagina zoals deze. De grote truuk is om te leren welke tags er bestaan, maar gelukkig is het lijstje kort.</p>
<p>Veel van wat volgt op het World Wide Web zijn uitbreidingen en verdere uitwerkingen van dit principe.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aweblog.net/index.php/2011/05/html-en-zo-voor-beginners/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>HTML en zo voor beginners introductie</title>
		<link>http://aweblog.net/index.php/2011/05/what-should-i-know-about-the-technical-stuff/</link>
		<comments>http://aweblog.net/index.php/2011/05/what-should-i-know-about-the-technical-stuff/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 11 May 2011 04:36:48 +0000</pubDate>
		<dc:creator>weblog</dc:creator>
				<category><![CDATA[html_enzo]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://aweblog.net/2011/05/11/what-should-i-know-about-the-technical-stuff/</guid>
		<description><![CDATA[Als je een gemiddelde WordPress gebruiker bent kun je overal en nergens een gehoste WordPress site vinden, met standaard thema&#8217;s en een paar plugins en is deze site niet voor jou.  Persoonlijk denk ik dat dit een slecht idee is, zeker in het tijdperk van &#8220;Software&#8221; waar elke teenager zijn eigen apps schrijft en waar [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p></p><p>Als je een gemiddelde WordPress gebruiker bent kun je overal en nergens een gehoste WordPress site vinden, met standaard thema&#8217;s en een paar plugins en is deze site niet voor jou.  Persoonlijk denk ik dat dit een slecht idee is, zeker in het tijdperk van &#8220;Software&#8221; waar elke teenager zijn eigen apps schrijft en waar het coderen van software zo essentieel is geworden als het gebruiken van een hamer.</p>
<p><span id="more-28"></span>Wellicht dat je 10 jaar geleden nog kon aanvoeren dat software voor Nerds was, maar die tijd is lang voorbij, begrijpen hoe software werkt is een basic skill geworden. Bovendien, als je al lang uitgekauwde WordPress/Internet trends als media integratie en social media integration op je weblog zet werkt dat niet  echt onderscheidend.  Dat is oude technologie en basic. Alleen door een beetje oog te hebben voor wat op het Internet gebeurd blijf je bij en blijft je eigen weblog bij de tijd.</p>
<p>Het betekent niet dat je een professionele developer hoeft te worden. Dat neemt je jaren in beslag, veel cursussen en expertise op een groot gebied van projecten. Je kunt dit vergelijken met een architect die een brug designed of een professional die de brug bouwt. Er is absoluut no need voor die skills maar&#8230; weten hoe je een hamer en spijker moet gebruiken om een schilderij op te hangen&#8230;  is voor mij in ieder geval een noodzaak al is het maar omdat ik me dan veel geld bespaar doordat ik niemand hoef in te huren om dat te doen. Je hoeft geen 5 sterren kok te zijn om een bord spaghetti te maken. Helaas bestaat het overgrote deel van de webloggers toch nog uit mensen die louter en alleen afhaal voedsel ophalen met een standaard omgeving en verder geen visie buiten de hamburger en nummer 32.</p>
<p><a href="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image9.png"><img style="background-image: none; padding-left: 0px; padding-right: 0px; display: inline; padding-top: 0px; border: 0px;" title="image" src="http://aweblog.net/wp-content/uploads/2011/05/image_thumb9.png" border="0" alt="image" width="585" height="343" /></a></p>
<p>Voor dit publiek zal ik deze website beginnen met een serie over algemene technieken gebruikt op het Internet. Dat wil zeggen: die technieken die ook in WordPress gebruikt worden met af en toe een beetje achtergrond zodat je  kunt zien hoe simpel dit alles eigenlijk is.</p>
<p>Maar natuurlijk alleen als er behoefte aan is. Ik heb bedacht om alleen telkens een nieuw deel te plaatsen als er minimaal 5 comments zijn. Dit zou moeten aangeven dat er iemand is die deze series volgt.</p>
<p>Met vriendelijke groet,</p>
<p>Edward de Leau<br />
weblogger</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://aweblog.net/index.php/2011/05/what-should-i-know-about-the-technical-stuff/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

